Wijk bij Duurstede

Tijdens ontzandingen in de 20e eeuw kwamen in de uiterwaarden van Rijswijk grote hoeveelheden bouwpuin, munten, aardewerk, fibula's en delen van helmen tevoorschijn. Het bouwpuin bestaat onder andere uit 3000 fragmenten dakpan. Door de grote hoeveelheid vondsten gaan archeologen ervan uit dat hier een castellum heeft gestaan al is hier nooit officieel archeologisch onderzoek gedaan. De meeste vondsten zijn min of meer toevallig gedaan en veel ervan is verdwenen of terecht gekomen in particuliere collecties.

Dakpanstempels en munten tonen aan dat het fort waarschijnlijk in gebruik is geweest van ca. 47 tot eind derde eeuw. Er zijn dakpanstempels gevonden van Legio X Gemina, dat van 70-ca.103 was gelegerd in Nijmegen. Twee dakpanstempels verwijzen naar hier gelegerde auxilia (hulptroepen). Een stempel van de Cohors I T(hracum equitata) duidt op de mogelijke aanwezigheid van dit Thracische cohort tussen 70 en 83. Andere stempels verwijzen naar hulptroepen van de Numerus Ursariensium, die rond 250 ook gelegerd waren in Quadriburgium (het huidige Qualburg, vlakbij Kleve).

Uit de vele vondsten valt ook nog informatie af te leiden over de bezetting van het fort. Eén van de helmen draagt inscripties van twee achtereenvolgende eigenaren: Titus Allienus Martial(n)is en Statorius Tertius. Beiden waren soldaat in de centuria (eenheid van 80 man) van Antonius Fronto. Hun namen tonen aan dat het Romeinse burgers waren. De helmen zijn te zien in Museum Dorestad.

Strategisch was dit een belangrijke plek. In de Romeinse tijd begon de Lek als zijrivier van de Rijn net door te breken. Bovendien ligt de plek precies op de overgang van de Gelderse kleigronden naar de moerassige delta van de Rijn. Je zou het middeleeuwse Dorestad kunnen zien als rechtstreekse opvolger van het castellum. Langzaam ontwikkelde Dorestad zich westwaarts in de richting van het huidige Wijk bij Duurstede. Doordat de Lek later zijn loop heeft verlegd, is Dorestad van zijn 'oorsprong' aan de Rijswijkse kant afgesneden. De huidige Lek fungeert inmiddels als grensrivier tussen de provincies Gelderland en Utrecht.

In opdracht van de provincie Gelderland heeft kunstenaar Jan Kleingeld een kunstwerk ontworpen dat de grens van het Romeinse rijk markeert, op een plek langs de Nederrijn tegenover Wijk bij Duurstede. Het kunstwerk TOT HIER is langs de rivier geplaatst.