Voorburg

De geschiedenis van de wetenschappelijke archeologie in Nederland begint met Caspar Reuvens. Hij deed tussen 1827 en 1834 in Voorburg onderzoek dat wereldwijd wordt beschouwd als een van de eerste wetenschappelijk gedocumenteerde opgravingen. Op dat moment was van Romeins Voorburg weinig meer bekend dan dat de plaats in de Romeinse tijd 'Forum Hadriani' had geheten, 'het forum van keizer Hadrianus'. Helaas kan 'forum' van alles betekenen en brachten Reuvens’ vondsten op dit punt weinig duidelijkheid.

Pas ruim een eeuw later, in de jaren '60 van de 20e eeuw, begreep archeoloog Jules Bogaers dat het ging om een Romeinse stad, vergelijkbaar met Nijmegen, Tongeren en Xanten. Romeins Voorburg was de voornaamste nederzetting van de Cananefaten en lag aan het Kanaal van Corbulo, dat de stad verbond met Matilo (Leiden) aan de Oude Rijn en met de monding van Maas en Waal. Voorburgs rivierhaven is opgegraven in 2008.

 

Uit opgravingen blijkt dat Voorburg, ondanks de geringe omvang (10 ha, misschien 1000 inwoners), een volwaardige Romeinse stad was. Aangelegd op een schaakbordplattegrond had de stad een badhuis, winkels en een stadsmuur met poorten. Veel dakpannen hebben stempels die suggereren dat het leger bij bouwwerkzaamheden was betrokken en er soldaten in Voorburg zijn geweest, waaronder wellicht een onderdeel van de Classis Germanica Pia Fidelis, 'de trouwe en betrouwbare Germaanse vloot'. Wellicht diende Voorburg ook als vlootstation. 

De stad en de boerderijen in de omgeving lijken tot ongeveer 275 te hebben bestaan. Dit is min of meer het moment waarop de Romeinen de Rijngrens ontruimden. Toen de Romeinen terugkeerden, werd Voorburg niet meer herbouwd.

Kijk voor meer informatie op de interactieve limeskaart