Arnhem

In het Arnhemse stadsdeel Meinerswijk ligt het enige Gelderse limesfort dat ook archeologisch is aangetoond. Er is veel discussie geweest over de Romeinse naam van het fort. Lange tijd vermoedde men dat dit het uit andere bronnen bekende Castra Herculis zou zijn, maar volgens de laatste stand van kennis gaat het om Levefanum. 

Het fort is waarschijnlijk aangelegd rond het jaar 15 n.chr., ter voorbereiding van de Germaanse veldtochten van de Romeinse generaal Germanicus. Het fort lag strategisch tegenover de monding van de voorloper van de IJssel, die toen nog afwaterde in de Rijn in plaats van het IJsselmeer. Meer dan een halve eeuw later viel het castellum ten prooi aan de gewelddadigheden van de Bataafse Opstand. Een teruggevonden, dikke brandlaag is daarvan de stille getuige. Het fort is vervolgens herbouwd, mogelijk gedeeltelijk in steen. Rond 170-180 bouwden de Romeinen een compleet nieuw fort in steen.

BewarenBewaren

BewarenBewaren

Het best (en eigenlijk enige) bewaarde gebouw van het castellum is het hoofdkwartier of principia, dat 34 bij 38 meter groot was met muren van 1,40 meter dik. In de principia zetelde de prefect, de commandant van het castellum. Op de plek van het castellum vonden archeologen een blok tufsteen van 57 cm breed met inscriptie LEGIMPF, wat wordt uitgelegd als LEG(io) I M(inervia) P(ia) F(idelis). Het is mogelijk een bouwinscriptie uit de tijd van keizer Marcus Aurelius (161-180), die opdracht heeft gegeven voor de herbouw van het fort in steen. De eerdere forten waren allemaal (grotendeels) van hout. 

De Romeinen moeten flinke last hebben gehad van wateroverlast. In verschillende fasen is het hele terrein meer dan twee meter opgehoogd. Dat zou ook voor hedendaagse begrippen niet genoeg zijn: nog steeds kan (en mag) het gebied overstromen. Ook de huidige visualisatie van het fort – bestaande uit schanskorven – krijgt dan natte voeten, wat een heel bijzonder gezicht oplevert.