Werelderfgoed nominatieproces

Als de Nedergermaanse limes straks op de UNESCO Werelderfgoedlijst komt te staan, treedt het toe tot een elitegezelschap – dat zal je inmiddels wel duidelijk zijn. Dat komt niet alleen het toerisme ten goede, maar verzekert tegelijkertijd ook de toekomst van de grens van het vroegere Romeinse Rijk in dit deel van Europa: het land dat deze status aanvraagt, verklaart de plek te zullen behouden en beschermen voor de lange termijn. Zover is het nog niet, al wordt er hard aan gewerkt. Hoe gaat dit in zijn werk?

De eerste stap naar een plekje op de UNESCO Werelderfgoedlijst werd gezet in 2011, toen de toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bekendmaakte dat hij de Romeinse limes ‘uitzonderlijk en universeel van waarde’ vindt en daarom een nominatie verdient. Om zo’n nominatie om te zetten in een daadwerkelijke plaatsing, dient een nominatiedossier te worden opgesteld. In dat nominatiedossier wordt omschreven wat de unieke en uitzonderlijke waarden zijn van het gebied. Daarnaast wordt in kaart gebracht welke gebieden exact tot het Werelderfgoed zullen behoren. Voor de limes in Nederland gaat het daarbij waarschijnlijk niet om een aaneengesloten gebied, maar om een verzameling losse terreinen, bijvoorbeeld die gerelateerd aan de diverse forten. Ook wordt omschreven hoe de aanvrager ervoor zorgt dat het Werelderfgoed op de lange termijn behouden blijft. Opdat we niet alleen nu, maar ook in de toekomst kunnen genieten van dit bijzondere stukje Romeinse geschiedenis.

Het is een heel proces dus, waarbij veel partijen samen optrekken. Naast de Provincies Utrecht, Gelderland, Zuid-Holland en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, zijn dat de gemeenten Alphen aan den Rijn, Arnhem, Berg en Dal, Bodegraven-Reeuwijk, Bunnik, Buren, Duiven, Houten, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Leidschendam-Voorburg, Lingewaard, Millingen aan de Rijn, Neder-Betuwe, Nijmegen, Noordwijk, Oegstgeest, Overbetuwe, Rijnwaarden, Ubbergen, Utrecht, Voorschoten, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zoeterwoude. Bovendien wordt er nauw samengewerkt met de Duitse deelstaten Noordrijn-Westfalen en Rijnland-Palts: de Nedergermaanse limes reikt immers tot diep in Duitsland, waar die uiteindelijk overgaat in de Opper-Germaans-Raetische limes.

Als het nominatiedossier compleet is, wordt het aangeboden bij het World Heritage Centre van UNESCO. Vervolgens wordt het dossier beoordeeld door enkele adviescommissies. De Werelderfgoed Commissie, waarin verschillende regeringen zijn vertegenwoordigd, besluit tenslotte of de limes wel of niet Werelderfgoed wordt. En dus ook of de Nedergermaanse limes zich bij de Muur van Hadrianus in Engeland, de Muur van Antoninus in Schotland en de Opper-Germaans-Raetische limes in Duitsland voegt – delen van de Romeinse limes die eerder al zijn uitgeroepen tot werelderfgoed onder de gemeenschappelijke noemer Grenzen van het Romeinse Rijk. Volgens de laatste planning wordt het nominatiedossier in 2020 ingediend, waarna in 2021 de Werelderfgoed Commissie zijn beslissing neemt. Kijk voor meer informatie op www.limeswerelderfgoed.nl