Werelderfgoed en de Romeinse limes

Wie weleens een virtuele wereldreis langs het UNESCO Werelderfgoed heeft gemaakt, is het misschien al opgevallen: de grenzen van het Romeinse Rijk, die zijn nu al terug te vinden op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Dat wil zeggen: gedeeltes daarvan, samengevat onder de noemer Grenzen van het Romeinse Rijk. Waarom is het dan zo belangrijk dat ook het Nederlandse gedeelte van de Romeinse limes het UNESCO-keurmerk krijgt?

Welk deel van de Romeinse limes is nu al UNESCO Werelderfgoed?

De Romeinse limes markeert de grens van het oude Romeinse Rijke en was op zijn hoogtepunt – in de 2de eeuw n.Chr. – liefst 5.000 kilometer lang. De grens strekte zich destijds uit van de Atlantische kust in het noorden van Groot-Brittannië, dwars door Europa (en dus ook Nederland) naar de Zwarte Zee, en van daaruit langs de Rode Zee via Noord-Afrika weer terug tot de Atlantische kust bij hedendaags Marokko. Een drietal gedeeltes van deze grens is de afgelopen decennia al uitverkozen tot UNESCO Werelderfgoed: de Muur van Hadrianus in Engeland, de Muur van Antoninus in Schotland en de Opper-Germaans-Raetische Limes in Duitsland. Die eerste twee meten respectievelijk 117 en 60 kilometer, het gedeelte in Duitsland is 550 kilometer lang. Dat betekent dat al meer dan 700 kilometer van de Romeinse Limes is verklaard tot beschermd gebied.

De Nedergermaanse limes

Juist die gemeenschappelijke noemer Grenzen van het Romeinse Rijk biedt ruimte voor andere delen van de Romeinse limes om zich hierbij aan te sluiten. Nederland wil samen met Noordrijn-Westfalen een deel van de Romeinse limes, de Nedergermaanse limes, voordragen. De nominatie van de Nedergermaanse limes is vanuit internationaal perspectief een logische stap: hiermee wordt een nóg groter deel van de limes beschermd, waarbij ook direct het ‘gat’ tussen Groot-Brittannië en Zuid-Duitsland wordt gedicht. De Romeinse limes wordt zo een van de grootste UNESCO Werelderfgoedmonumenten ter wereld.

Wat maakt de Nedergermaanse limes bijzonder?

Doordat de limes zo’n enorm groot gebied omsloot, had de grens vele gezichten, afhankelijk van de omstandigheden en het landschap ter plaatse. In het oosten van Duitsland was de grens een aarden wal, in Engeland een muur en in Nederland was het een rivier – de limes volgde de toenmalige Rijnloop. Uniek aan de Nederlandse limes is dat nergens anders deze zó lang onafgebroken in gebruik is geweest als hier. Daarnaast omvat dit deel van de grens sporen van alle onderdelen van de Romeinse militaire aanwezigheid: niet alleen legioensbases, forten, wachttorens, vlootbases en infrastructuur, maar zelfs restanten van watermanagement door landschapsaanpassing zijn terug te vinden. Nergens zijn zoveel goed bewaarde schepen opgraven als in Nederland. Bovendien is de Romeinse limes in Nederland uitzonderlijk goed bewaard gebleven. Des te meer reden om er ook in de toekomst zuinig op te zijn.